Nieuws over De Kleine Paus Pius 3,14 én Bouncer: François Boucq blikt vooruit en achterom
François Boucq is nog lang niet uitgepraat. In een interview met Casemate heeft de maker van De Kleine Paus Pius 3,14 het niet alleen over humor, spiritualiteit en artificiële intelligentie, maar ook over representatie in strips én een mogelijke terugkeer van Bouncer. Daarmee levert het gesprek nieuws op voor twee kanten van zijn oeuvre: de absurde satire én de onvergetelijke western.
Voor Boucq is De Kleine Paus Pius 3,14 veel meer dan een grap. Zijn kleine paus staat voor verwondering, eenvoud en een bijna letterlijke blik op de wereld. Net doordat Pius 3,14 alles eerstegraads benadert, legt hij volgens Boucq de absurditeit van onze samenleving bloot.
Die insteek is voor de auteur niet louter religieus. Boucq koppelt het personage ook aan metafysica en transcendentie. Niet dogma’s staan centraal, maar het idee dat de mens nood heeft aan iets dat verder reikt dan het puur rationele.
Dat verklaart ook waarom De Kleine Paus Pius 3,14 geen klassieke satire is. Boucq gebruikt humor niet om zijn onderwerp vanop afstand uit te lachen, maar om de werkelijkheid scherper zichtbaar te maken. Hij vertrekt vanuit het dagelijkse leven en duwt dat vervolgens richting het absurde. Juist daar, in die vervorming, ziet hij een manier om de wereld beter te begrijpen.

In het interview benadrukt Boucq bovendien dat zijn reeks nergens bedoeld is als goedkope provocatie. Hoewel zijn commentaar soms discussie uitlokt, ziet hij De Kleine Paus Pius 3,14 niet als een belediging, maar als een confrontatie met het alledaagse. Zijn paus kijkt naar de wereld vanuit een eigen logica en houdt de lezer daardoor een spiegel voor.
Boucq spaart ook de huidige tijdsgeest niet. Hij betreurt het verlies van wat hij een echt “samen-leven” noemt. Volgens hem is de samenleving almaar meer op afzondering gebaseerd geraakt, een evolutie die tijdens en na de coronaperiode nog sterker zichtbaar werd. Gewone ontmoetingen, kleine gesprekken en alledaagse sociale contacten maken volgens hem net deel uit van wat mensen menselijk houdt.

Van daaruit komt hij ook uit bij technologie, sociale media en artificiële intelligentie. Boucq is daarin bijzonder scherp. Hij ziet AI niet als een neutraal hulpmiddel, maar als iets dat het creatieve proces fundamenteel aantast. Voor een tekenaar is werken volgens hem immers iets lichamelijks: hand, oog, gedachte en gevoeligheid grijpen voortdurend in elkaar. Precies dat menselijke proces ziet hij door AI onder druk staan.
Ook sociale media ontsnappen niet aan zijn kritiek. Boucq stelt dat men zich eigenlijk niet hoeft te verbazen over ontsporingen, omdat zulke systemen volgens hem van meet af aan ontworpen zijn op een manier die misbruik en vervreemding in de hand werkt.
Zijn humor omschrijft hij dan ook niet alleen als intellectueel, maar ook als fysiek. Een grap zit voor hem niet enkel in woorden, maar ook in houdingen, blikken, ritme en enscenering. Het lichaam liegt minder dan het discours, zegt hij, en juist daardoor kan zelfs een absurde scène een vorm van directe waarheid bevatten.
Interessant is ook hoe Boucq naar zichzelf kijkt als autodidact. Hij beschouwt dat niet als een tekort, maar als een kracht. Het gaf hem een vrijere, directere blik op de wereld. Al vroeg kreeg hij erkenning, onder meer via publicaties in Le Point, en later ook door steun van namen als Jijé en Jean-Claude Mézières. Volgens Boucq ging het daarbij niet alleen om technisch talent, maar vooral om de indruk dat zijn werk meer wilde zijn dan louter virtuositeit.
Het interview raakt daarnaast ook aan representatie in strips. Boucq reageert op de kritiek dat hij geen zwarte personages zou tekenen. Dat deel van de scan is niet volledig leesbaar, maar wel duidelijk genoeg om te zien dat hij die kritiek nuanceert en erop wijst dat er wel degelijk een zwart personage voorkomt in een van de albums. Het onderwerp komt dus expliciet ter sprake.

Voor veel lezers zal vooral één ander punt opvallen: Bouncer. Boucq laat verstaan dat hij graag nog met die westernreeks zou doorgaan. Tegelijk plaatst hij daar een duidelijke kanttekening bij: hij moet daar eerst met Alejandro Jodorowsky over spreken om te zien of die nog altijd mee wil. Het is dus geen officiële aankondiging, maar wel een duidelijke opening die fans hoop mag geven.

Verder vertelt Boucq ook over zijn werkwijze en inkleuring. Waar hij vroeger vaker met aquarel werkte, maakt hij vandaag ook gebruik van digitale kleur. Daarbij werkt hij samen met Alexandre Boucq, zijn neef, die onder meer meehielp aan werk als Little Tulip en New York Cannibals. Ook daarin blijkt hoe Boucq zijn aanpak blijft vernieuwen zonder zijn eigenheid te verliezen. Tevens komt er daar ook een vervolg op....
Voor Nederlandstalige lezers is dat extra interessant, want De Kleine Paus Pius 3,14 is bij ons verschenen bij Saga Uitgaven. Momenteel zijn twee delen beschikbaar in het Nederlands, terwijl een derde deel later wordt verwacht.
Nu verkrijgbaar
Wie Boucqs absurde, scherpe en tegelijk verrassend doordachte pausreeks zelf wil ontdekken, kan nu al terecht bij de eerste twee Nederlandstalige delen van De Kleine Paus Pius 3,14, uitgegeven door Saga Uitgaven.
Bekijk de beschikbare delen hier:
https://www.stripweb.be/nl-nl/de-kleine-paus-pius-314/strips-3?13=70001
Tags:
Stripreeks in de kijker




