Skip to main content

Ringo (1968): Hervé Bourhis vertelt het vergeten Beatles-verhaal

geschreven door Stripweb
25 februari, 2026

ringo-paul-stripweb

Ringo (1968): Hervé Bourhis zet de spot op de “stille Beatle” – en precies daarom werkt het zo goed

Na Paul: De wederopstanding van James Paul McCartney (1969–1973) (NL-uitgave bij Concerto Books) is het duidelijk dat Hervé Bourhis een uitzonderlijk talent heeft voor muzikale biografieën die niet als “les” aanvoelen, maar als verhalen met vlees en bloed. Hij schrijft niet alleen over iconen—hij schrijft over mensen die twijfelen, struikelen, zich herpakken en onderweg hun plek in de geschiedenis terugvinden.

Met Ringo richt Bourhis nu zijn blik op de man die vaak het minst luid aanwezig was in interviews, maar misschien wel het meest onderschat wordt in de Beatles-mythologie: Ringo Starr.

1968: wanneer zelfs de Beatle-familie barst

Het vertrekpunt is een moment dat fans kennen, maar zelden écht vanuit Ringo’s binnenkant lezen: 1968, tijdens de turbulente periode van het “White Album”. De studio is een mijnenveld van ego’s, deadlines en spanningen. Ringo raakt uitgeput, begint te twijfelen aan zijn eigen waarde—en doet iets drastisch: hij stapt tijdelijk uit The Beatles.

Dat lijkt op papier een voetnoot in de geschiedenis van de popmuziek, maar Bourhis maakt er een spannend emotioneel kruispunt van: wat gebeurt er met iemand die plots niet meer in het centrum van het grootste verhaal ter wereld staat? En vooral: wat blijft er over wanneer je je hele identiteit hebt gebouwd op “deel uitmaken van”?

Sardinië als rustpunt… en als spiegel

Ringo trekt zich terug op Sardinië. Niet om een statement te maken, maar om opnieuw adem te halen. En precies daar, weg van de hysterie, opent Bourhis de deur naar het interessantste deel van het boek: de terugblik.

We keren terug naar het Liverpool van de jaren 1950, naar een jeugd die niet glanst, maar schuurt: armoede, ziekte, onzekerheid—en toch die koppige drang om muziek te maken, om erbij te horen, om plezier te vinden in ritme en samenspel. Bourhis gebruikt die sprongen in tijd niet als opsmuk, maar als uitleg zonder uitleggerig te worden: je voelt hoe Ringo gevormd is, en waarom hij later precies de drummer werd die een band als The Beatles nodig had.

De “innemendste” Beatle

Het mooie aan Bourhis’ aanpak is dat hij Ringo niet heroïsch maakt om hem “recht te doen”, maar hem net laat werken in zijn natuurlijke habitat: bescheiden, grappig, ontwapenend. In plaats van nog eens de bekende Beatles-as (John vs. Paul, genialiteit vs. conflict) te herhalen, schuift Bourhis een ander perspectief naar voren: de man die het tempo bewaakt, die de boel menselijk houdt, die niet per se de luidste stem heeft, maar wél een onmisbaar fundament vormt.

Dat is ook de belofte van dit album: een nieuwe Beatles-kijk via een figuur die vaak als bijzaak wordt behandeld, maar hier eindelijk het centrum krijgt dat hij verdient.

Waarom dit perfect aansluit bij Paul

Voor wie Paul: De wederopstanding van James Paul McCartney al in huis heeft (of net ontdekt): Ringo voelt als een logisch vervolg in Bourhis’ Beatles-reeks. Paul ging over afbraak en heropbouw na het uiteenvallen. Ringo gaat over iets anders, maar even herkenbaar: de vraag “ben ik wel genoeg?”—op het moment dat je naast drie reuzen staat.

paul-stripweb (2)

En net daardoor belooft Ringo niet alleen een boek voor Beatles-fans te worden, maar ook voor lezers die houden van verhalen over identiteit, vriendschap, druk en veerkracht.

Ringo verschijnt in het Frans op 7 oktober, de NL versie is nog niet bekend.

Van Hervé Bourhis verscheen ook de super leuke stripreeks American Parano.

American-Parano-1-cover - kopie