Tramp, of de kunst om koers te houden wanneer de zee van bemanning wisselt
Er zijn reeksen die je leest zoals je de weg op gaat. Tramp lees je eerder zoals je uitvaart: met het besef dat de route nooit volledig van jou afhangt, dat tussenstops iets onvoorspelbaars hebben, en dat de oceaan — letterlijk én figuurlijk — uiteindelijk altijd zijn eigen logica oplegt. Het is geen toeval dat de titel verwijst naar maritiem jargon: een tramp is een vrachtschip dat niet op een vaste lijn vaart, maar volgens bevrachtingen opereert.
De reeks, in 1993 gecreëerd en uitgegeven bij Dargaud, volgt Yann Calec, officier in de koopvaardij, in een avontuur waarin de zee minder decor is dan een machine van beperkingen: weer, mechanica, hiërarchieën aan boord, ladingen, havens, achterkamerdeals — en de grijze moraal die aan de romp kleeft zodra het over verzekeringen, smokkel of corruptie gaat.
Maar de reeks stelt ook een andere, meer intieme vraag: wat gebeurt er met een werk wanneer het zijn bepalende tekenhand verliest? Na het overlijden van Patrick Jusseaume in 2017 besloot Jean‑Charles Kraehn door te gaan. En sinds deel 12 wordt het tekenwerk verzorgd door Roberto Zaghi.
Aan het begin: een vergiftigd geschenk en de zee als morele val
De oorspronkelijke motor van Tramp is bijna klassiek in zijn doeltreffendheid: een eigenzinnige marineofficier, Yann Calec, krijgt het bevel over de Belle‑Hélène aangeboden door een corrupte reder. Alleen is het schip “bij voorbaat veroordeeld” in een duister verzekeringsspel — met andere woorden: scheepsbedrog om te laten zinken, te manipuleren en te innen. Vanaf het begin markeert de reeks haar terrein: dat van de maritieme thriller, waar illegaliteit geen ongeluk is maar een systeem.
Het kader is dat van de naoorlogse jaren en de jaren vijftig — een ideaal tijdvak voor dit soort verhalen: havens die nog de littekens dragen, schimmige netwerken, voormalige militairen die zich heruitvinden in vuil werk, een globalisering die “op lage snelheid” draait maar al meedogenloos is. Dargaud situeert de reeks in die jaren en keert geregeld terug naar de geur van de dokken, kroegen en regen op metaal.
Vanaf het eerste album is de toon gezet: ver weg van groots en “proper” avontuur; hier smaakt het avontuur naar stookolie, en neemt het gevaar de vorm aan van contracten, bevelen en handtekeningen.

Twee auteurs, twee elkaar aanvullende gebaren
Jean‑Charles Kraehn: de feuilletonist die “op mensenmaat” schrijft
Kraehn (°1955) is een vaste waarde in het avonturenstripgenre, afwisselend tekenaar en scenarist, met een sterke cultuur van het populaire verhaal in de beste betekenis van het woord: ritme, wendingen, functionele bijfiguren en een voorliefde voor intriges die gestructureerd zijn als genreromans.
In een ouder interview vatte hij zijn narratieve leidraad kernachtig samen:
“Meer suggereren dan tonen.”
Die formule heeft concrete gevolgen in de reeks: de actie is vaak aanwezig, maar nooit gratuit of opzichtig. De nadruk ligt op sfeer, argwaan, spanning die oploopt omdat een haven “niet goed ruikt”, omdat een tweede officier een te starre blik heeft, omdat een lading niet “klopt”. Die terughoudendheid maakt het ook mogelijk dat Tramp zonder breuk schakelt van misdaadverhaal naar zee-epos.

Patrick Jusseaume: een realistische klare lijn in dienst van het romaneske
Jusseaume (1954‑2017) was geen loutere uitvoerder: voor veel lezers is hij de visuele signatuur van Tramp. Jarenlang tekende en kleurde hij de reeks, en zijn stijl wordt vaak omschreven als precies, elegant en realistisch, in dienst van een geloofwaardige elsewhere.
Wat bij hem opvalt, is het vermogen om complexiteit leesbaar te maken: een druk dek, een manoeuvre, een kade, een loopbrug, een kajuit — zonder de lezer te overweldigen. De zee bij Jusseaume is altijd “kijkbaar”: geen dramatische achtergrond, maar een materie, een diffuse dreiging.
En vooral: hij had een sterke emotionele band met zijn hoofdpersonage, dat hij zag evolueren als een reisgenoot.
“We leven samen sinds 1993 (…) Hij is mijn metgezel onderweg.”
Die uitspraak zegt veel: Tramp is niet enkel een intrigestructuur. Het is ook een langdurige relatie tussen auteur en held — een relatie die juist door de wisseling van de wacht op de proef werd gesteld.
En een emotioneel punt, heel nuttig bij het lezen: Jusseaume zei dat hij met Calec samenleefde sinds het begin van de reeks — “mijn reisgezel”. Dat is een sleutelzin: Tramp is niet alleen een reeks intriges, maar ook een lange duur, een held die ouder wordt, slijt en verantwoordelijkheid opneemt.
Een saga in cycli: avontuur als wereldkaart
De reeks werkte lange tijd met narratieve cycli (meerdere albums die samen één verhaal vormen), om later soms over te gaan naar meer zelfstandige delen. Verschillende overzichten (en recensies) onderscheiden de grote bewegingen.
Verder in ons artikel kan je een uitgebreide bespreking vinden per cycli.
Gedocumenteerd realisme: wanneer de strip de taal van zeelui spreekt
Tramp wordt vaak omschreven als een “uitzonderlijk goed gedocumenteerde” maritieme thriller. Dargaud benadrukt dit aspect, en de pers prijst geregeld de manier waarop de reeks intrige en milieuprecisie combineert.
Een van de kenmerken van het project is de aanwezigheid van een maritiem adviseur, de voormalige zeeman Georges Tanneau, die de auteurs bijstond op technisch en terminologisch vlak.
Dat detail is niet bijkomstig: het verklaart waarom manoeuvres, scheepstypes, bewapeningslogica en het leven aan boord zelden vals klinken. In een reeks waar de intrige vaak rust op concrete elementen (een vrachtschip, een lading, een route, een averij), wordt realisme een essentieel onderdeel van de spanning.
De stormzone: ziekte, onvoltooid album, overlijden van Jusseaume
De uitgeefgeschiedenis van Tramp is ook een verhaal van lichamelijke kwetsbaarheid — iets wat zelden zo duidelijk wordt benoemd bij een avonturenreeks.
Volgens verschillende bronnen kampte Jusseaume met handproblemen, waardoor Kraehn hem grafisch moest bijstaan.
- Voor deel 10 zou Kraehn de cover en de laatste pagina’s hebben getekend om het album te homogeniseren.
- Deel 11 (Storm op komst) geldt als een bijzonder geval: een deel werd nog door Jusseaume getekend, het slot werd door Kraehn overgenomen.
Deel 11 verscheen in september 2017.
Jusseaume overleed in oktober 2017.
Dat moment is cruciaal om de voortzetting te begrijpen: in Tramp was de zee nooit alleen decor; ze was ook een metafoor voor continuïteit en breuk. Na 2017 lag de reeks letterlijk enkele jaren in het droogdok. Dargaud sprak van een terugkeer na “vijf jaar afwezigheid”.
Het roer overnemen: de komst van Roberto Zaghi
Een “logische” maar riskante keuze
Tramp overnemen betekent niet enkel een stijl imiteren; het betekent een belofte voortzetten die sinds 1993 aan de lezer werd gedaan. Dargaud stelde de nieuwe configuratie duidelijk: Kraehn als scenarist, Jusseaume voor tekeningen en kleuren in de historische delen, en Roberto Zaghi als tekenaar voor de recente albums (delen 12 tot 14).
Wie is Zaghi?
Zaghi is een Italiaanse tekenaar (°1969), gevormd in een sterk ambachtelijke traditie (fumetti, Bonelli, enzovoort). Biografische notities benadrukken zijn autodidactische parcours en zijn gevestigde carrière.
In een interview uit mei 2025 legde hij uit hoe hij bij Tramp terechtkwam: via aanbeveling, proefopdracht en uiteindelijk contract — en hij benadrukte dat de opvolging zowel een eer als een uitdaging was.

Geclaimde continuïteit, omarmde eigenheid
Zaghi vatte zijn aanpak kernachtig samen: het visuele erfgoed respecteren zonder een abrupte grafische breuk te veroorzaken.
“Ik heb geprobeerd het visuele erfgoed van de reeks te respecteren.”
Die lijn wordt bevestigd door de uitgever zelf: Dargaud spreekt van een delicate opdracht — een eigen stijl opleggen en tegelijk “in het kielzog” van de voorganger blijven — en beschouwt de operatie als geslaagd.
Historische erkenning: de Prix Historia als teken van gewicht
Een andere indicator van de plaats van Tramp in het striplandschap is de erkenning door jury’s.
Dargaud herinnert eraan dat Het vervloekte vrachtschip (deel 10) de Prix Historia (categorie stripverhaal) ontving.
Dat is coherent: Tramp heeft altijd het idee gecultiveerd dat documentatie (havens, beroepen, historische context) geen decor is maar een wezenlijk onderdeel van het verhaal — precies het soort ernst dat deze prijs waardeert.
Conclusie: een reeks die overleeft omdat ze weet wat ze vertelt
Dankzij uitgeverij Hum kan de reeks terug verder gelezen worden, enkel zouden we het goed vinden mochten de eerdere titels terug herdrukt worden want héél wat jongere lezers kunnen jammer genoeg niet meer instappen in deze prachtreeks.
Men kan Tramp lezen als een “klassieke” avonturensaga. Maar haar diepte ligt elders: in de manier waarop ze gedwongen vrijheid in scène zet. De zeeman is geen vrij avonturier; hij is gebonden aan een bevelstructuur, een reder, een lading, een contract, een bemanning. Hij reist, ja — maar zelden uit vrije keuze. Dat maakt Yann Calec zo romanesque: een mobiele held, maar tegelijk een gevangene.

Het overlijden van Jusseaume had het einde kunnen betekenen. Toch toont de voortzetting door Zaghi — gesteund door de uitgever, een deel van de kritiek en een aanzienlijk deel van het lezerspubliek — dat een wisseling van de wacht mogelijk is, mits één stilzwijgende regel wordt gerespecteerd: het sfeercontract niet verraden.
Vandaag telt Tramp veertien delen, we weten dat Zaghi al vooruitblikte naar deel 15 en nog meer...
Zoals een trampvrachtschip: geen vaste route, maar een koers die standhoudt zolang de bemanning weet waarom ze vaart.
Tramp: handleiding voor een leesroute… per cyclus
Tramp, is een zeldzame reeks: een groot avontuur op mensenmaat, maar opgebouwd als een misdaadroman, met alles wat daarbij hoort: fataliteit, “slechte ontmoetingen”, economische tandwielen die in elkaar grijpen en morele compromissen. De actie speelt zich af in de naoorlogse periode (al vanaf Rouen 1949) en volgt Yann Calec, kapitein in de koopvaardij, doorheen verhalen die gegroepeerd zijn in narratieve cycli (en enkele delen die opgevat zijn als “afgeronde episodes”).
“Tramp” verwijst naar die vrachtschepen die varen naargelang de opdrachten: het is een eenvoudige definitie, maar ze verklaart de hele dramaturgie van de reeks (je kiest niet altijd je lading, noch je passagiers, noch je havens…).
Cyclus 1 (D1 t/m D4) — De zwarte roman van de “Belle-Hélène”: initiatie door verraad
Delen:
- De valstrik (1993) — 2. Het vermoorde schip (1994) — 3. Het fatale rendez-vous (1996) — 4. Voor Hélène (1999)
Wat deze cyclus vertelt
We vertrekken vanuit een bijna “Simenon-achtig” decor: Rouen 1949, dokken, grauwte en een faustiaans akkoord. Calec krijgt een commando… té gemakkelijk. Al snel wordt het schip (de Belle-Hélène) het centrum van een verzekeringszwendel: de vrachtboot moet sterven, en de getuigen met haar.
Daarna kantelt de cyclus naar “vuil” avontuur: beschuldiging, snelle gerechtigheid, strafkamp in Colombia, en vervolgens overleven en achtervolging — tot aan een slot dat zowel de intrige afrondt als het ontstaan van het koppel Calec/Rosanna bezegelt.
|
|
|
|
Cyclus 2 (D5 t/m D6) — Afrika: de maritieme misdaadroman wordt een onderzoek
Delen:
5. Koers donker Afrika (2001) — 6. Richting Kibangou (2003)
Wat deze cyclus vertelt
Calec heeft “weer strepen verdiend”: hij is tweede officier onder een despotische kapitein… die op zee sterft, waarna het verhaal opent als een whodunit aan boord. Dargaud verduidelijkt bovendien dat deel 5 “de tweede cyclus” in twee albums start.
Deel 6 schakelt door naar een infernale machine: een vals evidente schuldige, schaduwzones, en vooral diamanten + een dubieuze figuur (een valse non) = de lading wordt opnieuw het moordwapen.
Wat deze cyclus uitwerkt
- Administratieve onrechtvaardigheid: na het gangstergeweld van cyclus 1 benadrukt cyclus 2 de “propere” absurditeit: de ideale verdachte, het te snelle verdict, de waarheid die tijd en eenzaamheid kost.
- De kapitein als lezer: Calec leert mensen, hutten en stiltes lezen — kortom: hij wordt detective.
|
|
Cyclus 3 (D7 t/m D9) — Indochina: de grote Geschiedenis dringt het ruim binnen
Delen:
7. Tussenstop in het verleden (2005) — 8. De vuile oorlog (2007) — 9. De schat van Tonkin (2009)
Wat deze cyclus vertelt
We zitten in de jaren 50: Calec en Rosanna hebben een leven in Rouen, een kind, maar de roep van de zee (en het geld) stuurt hem naar Indochina — “probleem: het is oorlog”.
De cyclus wordt ook een intieme enquête: Calec ontdekt dat zijn vader daar een belast verleden heeft achtergelaten (verduisterd goud, maîtresse, halfbroer), en deel 9 kondigt expliciet aan dat het de Aziatische cyclus afsluit.
Wat deze cyclus uitwerkt
- Oorlog als moreel klimaat: geen voortdurende frontactie nodig; belangrijker is de sfeer van deals, diffuse geweldsdreiging en ambigue loyaliteiten.
- Overdracht / afstamming: hier neemt Tramp het duidelijkst zijn romaneske ambitie: Calec zit niet langer alleen in een val, hij zit in een familiegeschiedenis die hem overstijgt.
|
|
|
Cyclus 4 (D10) — Het vervloekte vrachtschip: zelfstandigheid als nieuwe storm
Deel:
10. Het vervloekte vrachtschip (2012)
Waarom dit deel bijzonder is
Dargaud presenteert het als een “afgeronde episode die leest als een misdaadroman”: Calec koopt een oud vrachtschip, wordt zijn eigen baas en botst op wantrouwen van reders en vakbondsspelletjes… tot er een lijk in het ruim ligt.

Cyclus 5 (D11) — Storm op komst: scharnierdeel.
Deel:
11. Storm op komst (2017)
Wat dit deel vertelt
Storm, ruimen, en een onthulling: het schip vervoert kisten met wapens. Calec begrijpt dat er een trafiek is opgezet “zonder dat hij het wist”, maar met interne medeplichtigheid; het gaat zelfs tot chantage via de ontvoering van zijn dochter.
Waarom dit een kantelpunt is (lees dit met die gedachte)
Dit is niet alleen een avontuur: het is een overgangsobject.
Er staan achterin drie pagina’s interview met Kraehn (door Marc Gauvain).
En vooral: de uitgavegegevens wijzen op een uitzonderlijke totstandkoming: de eerste 30 platen getekend/gekleur door Jusseaume, de laatste 24 platen getekend door Kraehn (kleuren: Patricia Jambers).

Wat ons opviel:
Het thema (smokkel / wapens) resoneert met de productie: een verhaal over wapens en gijzeling, maar ook een album waarin je voelt dat de reeks zelf door de werkelijkheid “gegijzeld” wordt (gezondheid, grafische overdracht).
Bij herlezing is het interessant te zien hoe Kraehn afrondt: hij probeert emotioneel te verbinden (Calec, Rosanna, Inès) eerder dan Jusseaume “na te doen”.
De tekenwissel: van Jusseaume naar Zaghi (wat dat verandert in de lectuur)
Na 2017 maakt Dargaud de voortzetting officieel: Roberto Zaghi wordt tekenaar, met een delicate opdracht — de geest bewaren en tegelijk zijn eigen stempel zetten.
In een interview (Stripweb, 2025) legt Zaghi de aanpak in grote lijnen uit:
- hij wilde het visuele erfgoed respecteren door stilistisch coherent te blijven,
- terwijl hij zijn eigen toets toevoegde (zoals de uitgever hem aanmoedigde),
- en zonder te “kopiëren”: de stijl van iemand anders imiteren “heeft geen zin”. (Vertaling / synthese.)
Twee heel concrete gevolgen om te onthouden:
- De continuïteit in kleur (Patricia Jambers) fungeert als een perceptieve brug. Critici zeggen expliciet dat de overgang vlotter voelt omdat de inkleuring in dezelfde lijn blijft.
- De reeks benadrukt nog sterker het gedocumenteerde maritieme thriller-aspect (notities, precisie): meerdere reacties wijzen op annotaties en de aandacht voor nautische juistheid.
Cyclus 6 (D12 t/m D13) — Kerguelen / Saint-Paul: een thriller van zout en mist, oorlogsschatten en spoken
Delen:
12. Valstrik op zee (2022) — 13. De gevangenen van Saint-Paul (2023)
Wat deze cyclus vertelt
Deel 12 opent met een bijna horrorachtige sequentie: een schip in nood, geen overlevenden, doden in afschuwelijke omstandigheden… en daarna aan wal: een aangekondigde breuk met Rosanna, plus een “onschuldig” transport naar de Kerguelen dat naar een val ruikt.
Deel 13 versnelt en “militariseert” de spanning: aanval vanuit een U-boot, oude Duitse connecties, en vervolgens gevangenschap op het geïsoleerde eiland Saint-Paul.
Wat ons opviel:
- Terugkeer van historische specters: na Indochina (cyclus 3) komt een andere laag van de 20e eeuw naar boven: onderzeebootoorlog, residuele netwerken, koude geweldsvormen.
- Het koppel als barometer: Tramp wordt soms als “maritiem avontuur” voorgesteld, maar hier wordt het privéleven (scheiding, familie) een brandpunt van gevaar: de storm is niet enkel op zee.
- Zaghi in overname: veel lezers vinden het tekenwerk “in de lijn” en zelfs “een van de beste” recente episodes — belangrijk wanneer je een wissel inzet.
|
|
Deel 14 — Riskante tussenstop: een one shot
Deel:
14. Riskante tussenstop(2026)
Wat dit deel vertelt
Calec gaat weer de zee op “nauwelijks terug” van een zware expeditie; om schulden af te betalen moet hij een klein vrachtschip uit Puerto Rico terugbrengen, midden in de lokale onderwereld en corrupte autoriteiten die een mysterieuze lading begeren.
Wat wij vinden hiervan:
- Bewuste naoorlogse noir: Dargauds persstem spreekt over een “zelfstandig opus” met de kwaliteiten van een goede naoorlogse misdaadroman. Dat is exact de matrix van cyclus 1… maar met de ervaring van een “late” Calec.
- Wil je Zaghi evalueren zonder je aan een tweeluik te binden: dit deel werkt juist omdat het als one-shot is opgebouwd.

U leest het al wij zijn ongeloofelijk fan en hopelijk jullie nu ook.
Tags:
Stripreeks in de kijker
